dinsdag 8 mei 2012


Opdracht 4 internationalisering

Voor de week van internationalisering heb ik een blog geschreven waarin ik een kritische beschouwing schrijf over de spanning tussen de voor Nederland geldende beroepscode en  de (inter)nationale praktijk.

Allereerst heb ik de twee verschillende definities naast elkaar gelegd om te kijken hoe het Social Work of ook wel Maatschappelijk Werk omschreven wordt.

De definitie van social work volgens het IFSW (International Federation of Social Workers)
De maatschappelijk werk beroepsgroep bevordert sociale verandering, het oplossen van problemen in menselijke relaties en de empowerment en bevrijding van mensen om het welzijn te verbeteren. Gebruikmakend van theorieën over menselijk gedrag en sociale systemen, sociaal werk grijpt in op punten waar mensen met elkaar omgaan met hun omgeving. Beginselen van de mensenrechten en sociale rechtvaardigheid zijn fundamenteel voor sociaal werk.

De definitie volgens de NVMW (Nederlandse Vereniging Maatschappelijk Werkers)
De missie van het maatschappelijk werk is kort gezegd: bevorderen dat mensen in onze samenleving tot hun recht komen als mens en als burger. Maatschappelijk werkers streven ernaar dat mensen zich in wisselwerking met hun sociale omgeving zo goed mogelijk kunnen ontplooien naar hun eigen aard, mogelijkheden, behoeften en opvattingen, rekening houdend met anderen met wie zij samenleven. De maatschappelijk werker leeft deze centrale waarde van het beroep in eerste plaats na in de directe professionele hulpverlening aan cliënten, maar ook aan niet-hulpverlening- behartiging of bijdragen aan beleidsontwikkeling. Een belangrijk kenmerk van het beroep is dat de maatschappelijk werker actief en op professionele wijze bijdraagt aan een zo groot mogelijke eigen verantwoordelijkheid van de client. De beroepswaarden en -normen die in de beroepscode zijn vastgelegd, zijn daarbij het uitgangspunt.

In Nederland spreken we al gauw over het feit dat Maatschappelijk Werk de kwetsbare helpt om hun sociale positie te verbeteren of te bevorderen. Er wordt niet gesproken in de definitie van de NVMW over het oplossen van problemen en dat zei gebruik maken van theorieën over het menselijk gedrag, dit staat wel beschreven in de internationale definitie van social work. Kan dit komen dat Nederland een vrij praktisch gericht maatschappelijk werk heeft? Of ligt het aan het opleidingsniveau die internationaal hoger ligt dan in Nederland? In het buitenland is de opleiding Social Work een academische opleiding. Nederland is het enige land waar je niet op academisch niveau verder kan studeren in het sociaal werk.

Als ik verder redeneer en kijk naar de Nederlandse definitie uit de beroepscode, is deze gebaseerd op alleen onze samenleving. In de Nederlandse samenleving spelen andere problematieken als dat we kijken naar Amerika, Engeland of een ander land. De internationale definitie zal dus niet altijd voor elk land kloppen omdat ieder land zijn eigen sociale problematieken heeft waar het mee kampt. Verder speelt ook de economische toestand van een land een rol bij het gebruik van middelen om het maatschappelijk werk vorm te geven. We kunnen aannemen dat in Afrika hier minder gebruik gemaakt van kan worden dan in bijvoorbeeld een Europees of Amerikaans land. Maar ook dit wordt in de welvarende landen minder. Uit contact met de Scottish Association for Social Work kwam naar voren dat door drastische bezuinigen in Schotland er keuzes gemaakt moeten worden welke middelen er gebruikt worden en welke niet. In Nederland zien we steeds meer het 5- gesprekkenmodel naar voren komen in het Maatschappelijk werk. Dit houdt in dat na vijf gesprekken de hulpverlening afgerond zou moeten zijn. Is Nederland dan bezig met de kwantiteit of kwaliteit van de hulpverlening? Ja dat blijft een vraag. Er is nog steeds hulpverlening aanwezig, alleen heeft deze kaders waarbinnen het moet werken. Dus ook Nederland is bezig met keuzes maken om ondanks de bezuinigingen hulpverlening vorm te geven.

Dus als ik terug kom op de spanning vanuit de beide definities van social work kan ik concluderen dat Nederland beschrijft zijn definitie meer vanuit de optiek mensen te motiveren en hun ontwikkeling te bevorderen voor sociale verandering. In de internationale definitie wordt benoemd dat het sociaal werk staat voor problemen oplossen en daarbij gebruikt maakt van theorieën gericht op het menselijk gedrag. Te zien is in de Nederlandse definitie dat er niet gesproken wordt over theorieën, hieruit haal ik dat het gaat om de professionaliteit van de maatschappelijk werker, of ook wel zijn profilering.

Of het spanning te benoemen is weet ik niet, maar het feit dat Nederland (samen met België) geen lid is van het IFSW (International Federation of Social Workers) vind ik ook een discussiepunt. Nederland vindt het lidmaatschap te duur, waardoor het ervoor gekozen heeft geen lid te zijn/ te blijven. Persoonlijk vind ik dat Nederland zich hierdoor uit het internationale beroep plaatst.

Suzanne van Kampen
Studentnummer 0809739
Klas: VMR4D

Geen opmerkingen:

Een reactie posten